Niet alleen (4)

Sporen

Thuis! Ik had er naar uitgezien. En tegelijk tegenop gezien. Ik moest nu met mijn gekwetste en herstellende been mijzelf zien te redden. Daarnaast was vlak voor ik mijn been verbrijzelde, mijn hond gestorven. Het was akelig stil in huis.

Al sinds geruime tijd voelde ik me eenzaam in mijn worsteling om vat te krijgen op mijn bestaan. Om het leven zelf te gaan begrijpen. Om te kunnen zijn wie ik ben in deze wereld en met deze wereld. Om er uiteindelijk vrede mee te vinden hoe dit fysieke leven eindigt in een fysieke dood. Regelmatig kwam de afgelopen jaren uit het niets de noodkreet in mij op “Ik kan dit niet alleen!” In Nij Dekama was de eindigheid van het leven dat van dag tot dag bezien moest worden, de nabije realiteit en niet altijd op een fraaie manier.

“Ik kan dit niet alleen!”

Sinds mijn wonderlijke ervaring in Jorwert rommelde ik mezelf ‘s avonds laat in slaap en stond om vier uur ‘s ochtends klaarwakker en onrustig weer naast mijn bed. De ervaring liet me niet los. Ik voelde mijn leven overhoop gehaald. Niets deed het nog. Alles wat ik dacht, zei en deed zag er afschuwelijk verwrongen en onecht uit. Het moest anders, maar hoe?

“Ik kan dit niet alleen!”

In eerste instantie paste mijn ervaring nog prima in de (zen)boeddhistische kaders. De felheid, intensiteit en totaliteit van dat merkwaardige en overrompelende moment bij de auto leek mij wellicht een kensho te zijn, een zen-begrip dat staat voor een doorbraak in inzicht, een kleine verlichtingservaring. De wisselwerking die ik voelde met iets groots buiten en tegelijk in mijzelf, hield ik voor contact hebben met de Dharmakaya, ook een boeddhistisch begrip, op te vatten als de Absolute Werkelijkheid. Inzichten rond karma, het principe dat al je gedachten, woorden en daden eindeloos hun inwerking op de bekende en onbekende wereld zullen hebben, en wedergeboorte, en andere doctrines uit het boeddhisme ontwikkelden zich aansluitend spontaan en met grote diepgang en vanzelfsprekendheid.

Dat moest zo zijn. Dat mocht niet iets anders zijn van mij. Ik zocht verklaringen binnen het mij bekende, ook uit zelfbehoud. Ik mocht niet verliezen wie ik zorgvuldig had opgebouwd; een zen-boeddhistische non die zich volledig toelegde op haar training in de hoop dat Verlichting en Bevrijding nog in haar eigen leven bewaarheid zouden worden. Als ik dat niet kon zijn, wat bleef er dan van me over? Ik ontkende alles wat met het christendom te maken had.

Tot ik voor de derde maal in Jorwert kwam en na het ochtendgebed en de kuier door Hinne in Mantgum bij het station werd afgezet. Het begrip ‘Genade’ hield me bezig. Vlak voor het afscheid zei Hinne “Voor Genade hoef ik niets te doen. Ik hoef me er alleen maar in te voegen. Precies zoals ik ben.” Dat maakte diepe indruk op me. Het ontroerde me ook. Ik zag de grote tegenstellingen tussen het boeddhisme en het christendom, en ervoer mijn ongemak en verdriet bij de -letterlijk- genadeloze leer en dogmatiek van de eerste.

Ik raakte danig in de war. Opnieuw ging iets wat op een zekerheid had geleken, onderuit. Ik bleef met lege handen en een verdrietig gemoed achter. Op een leeg perron. In het platteland van Friesland. Wachtend op een trein. Die via een enkelspoor levenden thuis kon brengen.

Herinneringen trekken sporen door mijn denken.
Door mijn gemoed. Door mijn huidig zijn.
Opstandig sta ik groot achter mijn zelf klein,
armen over elkaar. Mij zal niets krenken.

Ik kan het zelf. Laat me met rust.
Laat me los. Laat me gaan. Kijk niet naar mij om.
Ik vraag je toch niets. Ik ben ook niet dom.
Ik ben geen kind meer. Leef steeds bewust.

De pijn. Angst. Mijn verdriet. Ik los het zelf wel op.
Overgave bestaat niet. Dat is falen nog in dit leven.
Hoe kan ik me overgeven. Ik ben geen lappenpop.

Of zal ik opstappen. De trein die knerpend spoort,
naar huis zwoegt door donker. Doelgericht en koersvast
naar waar het licht als damast in het vuil van de ramen gloort.

————————————–

Barbara de Zoete heeft in Jorwert in juni 2018 kennis gemaakt met het christendom zoals dat bij Nijkleaster beoefend wordt. Bij toeval. Haar religieuze oorsprong is het boeddhisme. Het christendom raakte haar diep en inmiddels bereidt ze zich voor op haar doop. In deze serie, waar dit stukje er één van is, neemt ze u mee in het proces dat ze doormaakt. Ze schrijft deze serie op uitnodiging van Nijkleaster. Zo leeft Barbara naar haar doop toe en kunnen mensen uit de kringen van Nijkleaster en de gemeente Westerwert-Mantgum met haar meeleven. De doop zal naar verwachting op de vroege Paasmorgen, op 21 april om 06.00 uur plaatsvinden. (ds. Hinne Wagenaar)

Speak Your Mind

*