Niet alleen (10)

Overgave

We zitten aan een hoek van de grote kloostertafel in de voorkerk. Hinne kijkt wat strak. “Luister,” spreekt hij me toe, “als je dit zo blijft doen, vind je straks een boze Hinne tegenover je.” Ik kijk hem onderzoekend aan. “En geloof me, dat wil jij niet.” Oei. Ik slik.

Toen ik eind november mijn persoonlijke credo met Reinier deelde, was mijn vaste overtuiging dat ik nu eindelijk aan alle voorwaarden voldeed om gedoopt te kunnen worden. Ik wilde het zó graag, gedoopt zijn. In mijn hoofd had ik diverse scenario’s uitgewerkt om zover te komen. In vrijwel elk scenario speelde Hinne een cruciale rol, omdat ik dolgraag bij Nijkleaster gedoopt wilde worden. De Redbadtsjerke in Jorwert is het brandpunt van mijn recente religieuze ontwikkelingen. Ik kon me haast niet indenken dat mijn belijdenis en doop niet daar gaan gebeuren.

Daarbij had ik haast. Ongelofelijk veel haast. Ik was al sinds juni onrustig en gedreven en ik ontwikkelde me in hoog tempo. Ik schreef veel. Ik bestudeerde een ruime meter aan boeken, in no time. Ik sprak met diverse predikanten over allerlei onderwerpen. Ik stortte me er helemaal in. Voluit. Dat is wel een beetje hoe ik ben. Aan. Uit. Alles of niets. 100% Of 0. “Niet half” is mijn bijnaam wel geweest.

Hier speelde ook iets anders. Ik ervoer dat deze wending in mijn religieuze weg van groot belang was. Ik wilde die ommekeer bezegeld hebben. En ik was doodsbang dat ik het voor het tot dopen zou komen, op de één of andere manier volkomen zou verknoeien bij de mensen die mij inmiddels één voor één heel dierbaar werden, en daarbij ook mijn doop op het spel zou zetten. Want ook daar heb ik een handje van. Mensen die nieuw in mijn leven komen, eerst naar me toe te halen om ze dan tegen me in het harnas te jagen door onbezonnen acties mijnerzijds.

En dat dreigde nu precies te gebeuren. Ik wist niet beter dan dat ik alles zelf ging regelen. Mijn volwassen leven heb ik uitsluitend op mijzelf vertrouwd. Als ik iets wilde, was het aan mij om er voor te zorgen. In mijn enthousiasme regelde ik een avond waarop de verschillende predikanten die bij mijn belijdenis en doop betrokken zijn, bij elkaar kwamen. Bij mij thuis. Ik realiseerde me dat Hinne waarschijnlijk te druk zou zijn en schreef hem een berichtje waarin ik aangaf dat hij, als hij iets wilde delen of bijdragen, dat per email kon aandragen.

Fout…

Hinne moet hebben gedacht “Tot hier en niet verder.” En zittend aan die tafel in de voorkerk maakte hij me helder dat het zo niet werkte. Niet voor hem en überhaupt niet. “Het is een doop in een dienst waarin ik voorga. Te zijner tijd zal ik iedereen die er bij betrokken is, uitnodigen om hun bijdrage te doen. En als we er samen over praten, is dat hier in Jorwert.”

Het was al heel wat dat ik me er bij had neergelegd dat ik ‘pas’ met Pasen gedoopt ging worden. Wat mij betreft had het ook meteen gekund en in mijn overtuiging ook wel gemoeten, nadat ik in november mijn persoonlijke credo had geschreven. Nu moest ik ook nog eens de regie uit handen geven. Mijn logica dicteerde dat het klopte, dat de regie bij Hinne lag en zeker niet bij mij. Maar mijn gevoel kwam heftig in opstand. Als ik niet zelf zorgde voor de juiste invulling, hoe zou het dan ooit goed komen?

Maanden verder zijn we inmiddels. Ik twijfelde menig moment en ik heb inmiddels minstens één behoorlijk diepe geloofscrisis meegemaakt. Talloze malen heb ik Reinier in onze gesprekken horen zeggen over God en Gods genade, “Je kunt er niet uitvallen”, en daar hield ik me aan vast. Soms deed ik stomme dingen of zei ik dingen te hard of te scherp of op een moment dat niet het mijne was. Maar de mensen blijven me omarmen. Christenen zijn wat dat betreft een koppig volkje. Wil jij er bij horen, dan hoor je er bij.

Inmiddels ben ik heel blij dat ik de regie geheel tegen mijn natuur in, uit handen heb gegeven en heb gewacht tot Pasen. Hoe opstandig ik daar initieel ook onder was. Mijn geloof is in die paar maanden verder gegroeid van een persoonlijk lijntje tussen God en mij, naar een vol besef van God als iets alomvattends waarbinnen wij ons bevinden. Wij allemaal, samen. En, “Je kúnt er niet uitvallen.”

Mijn doop zou eind 2018, begin 2019 eigenlijk alleen voor mijzelf zijn geweest. De betrokkenen zouden braaf hun rol hebben gespeeld in een theaterstuk ten dienste van mij. Nu is mijn belijdenis en doop een aangelegenheid voor iedereen die zich er bij betrokken voelt.

Al schrijvend realiseer ik me: de belijdenis en doop zijn niet van mij. Zoals ik vanaf het begin heb geweten dat ik niets bijzonders deed om tot geloof te komen en dat verder te ontwikkelen, zoals ik me daarin uiteindelijk, na een periode van tegenstribbelen, heb laten leiden en sturen en ik inmiddels eenvoudig de bewegingen die mij helemaal vreemd waren, volg, zo gaat het nu ook met mijn doop: ik heb me overgegeven aan wat zich aandient en ik volg en ben in vol vertrouwen dat het prachtig wordt voor iedereen.

Barbara Jikai de Zoete

————————————–

Barbara de Zoete heeft in Jorwert in juni 2018 kennis gemaakt met het christendom zoals dat bij Nijkleaster beoefend wordt. Bij toeval. Haar religieuze oorsprong is het boeddhisme. Het christendom raakte haar diep en inmiddels bereidt ze zich voor op haar doop. In deze serie, waar dit stukje er één van is, neemt ze u mee in het proces dat ze doormaakt. Ze schrijft deze serie op uitnodiging van Nijkleaster. Zo leeft Barbara naar haar doop toe en kunnen mensen uit de kringen van Nijkleaster en de gemeente Westerwert-Mantgum met haar meeleven. De doop zal op de vroege Paasmorgen, op 21 april om 06.00 uur plaatsvinden.  (ds. Hinne Wagenaar)

Laat wat van je horen

*